Een werknemer die zich schuldig maakt aan seksueel grensoverschrijdend gedrag op de werkvloer, kan rechtsgeldig op staande voet worden ontslagen. Dat blijkt uit een uitspraak van de kantonrechter Haarlem van 10 september 2025 (ECLI:NL:RBNHO:2025:10276).
De werknemer werkte sinds 2013 bij een klein logistiek bedrijf en had een centrale rol in de organisatie. Bij afwezigheid van de managing director nam hij regelmatig belangrijke verantwoordelijkheden over. In 2025 kwam aan het licht dat hij een geheime relatie had met de stiefdochter van de managing director, die als trainee bij het bedrijf werkte.
De werknemer erkende meerdere vormen van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Hij negeerde eerdere waarschuwingen van de managing director en handelde in strijd met het personeelshandboek, waarin (seksuele) intimidatie expliciet wordt verboden. Ook speelde de machtsverhouding en zijn voorbeeldrol binnen het kleine bedrijf mee in de beoordeling.
De kantonrechter oordeelde dat het ontslag op staande voet rechtsgeldig was. Belangrijke overwegingen waren:
De werknemer kreeg geen transitievergoeding en werd veroordeeld in de proceskosten.
Deze zaak onderstreept het belang van een actief en concreet beleid op psychosociale arbeidsbelasting (PSA). Hieronder valt onder andere ongewenst gedrag zoals (seksuele) intimidatie, pesten en discriminatie. Werkgevers zijn op basis van de Arbeidsomstandighedenwet al verplicht om PSA te voorkomen of te beperken, bijvoorbeeld via een risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) en passende maatregelen.
Tegelijkertijd wordt de wetgeving verder aangescherpt. In een wetsvoorstel is opgenomen dat werkgevers met tien of meer werknemers verplicht worden een schriftelijke gedragscode voor ongewenst gedrag op te stellen (nieuw artikel 5a Arbowet). Deze gedragscode moet duidelijk maken wat wel en niet acceptabel gedrag is, welke maatregelen gelden bij overtredingen en waar medewerkers terechtkunnen met meldingen of klachten. Ook wordt van werkgevers verwacht dat zij deze gedragscode actief uitdragen binnen de organisatie.
Met deze aanscherping wil de wetgever bereiken dat organisaties niet alleen reactief handelen bij incidenten, maar juist preventief werken aan een sociaal veilige werkomgeving. Tegelijk laat deze casus zien dat beleid en regels alleen niet voldoende zijn als gedrag niet tijdig wordt herkend, besproken en gecorrigeerd.
Sociale en psychologische veiligheid vragen om actief PSA-beleid. PSA is één van de belangrijkste oorzaken van verzuim in Nederland. Als werkgever ben je wettelijk verplicht om deze risico’s in kaart te brengen én beleid te voeren om PSA zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken.
Het in kaart brengen van de risico’s gebeurt via de risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E), eventueel aangevuld met verdiepend PSA-onderzoek. Daarmee wordt inzichtelijk óf en hóe de risico’s worden beheerst en welke aanvullende maatregelen nodig zijn.
In de praktijk blijkt het echter vaak lastig om PSA-risico’s goed te duiden en te vertalen naar effectieve maatregelen. Juist bij het toetsen van de RI&E aan actuele wet- en regelgeving, het uitvoeren van verdiepend onderzoek en het concretiseren van beleid kunnen wij organisaties ondersteunen.
Wil je als organisatie actief werk maken van het voorkomen van ongewenst gedrag en het versterken van een veilige werkomgeving? Bekijk dan de volgende trainingen:
TIP: In het webinar Effectief PSA-beleid laten we zien hoe je verzuim door pesten, intimidatie en psychisch geweld inzichtelijk maakt en effectief aanpakt.